Liturgie zondag 7 juni 2026 morgendienst
Bediening Heilige Doop aan Joris Gerrit-Jan Mulder
Welkom door de ouderling
Zingen: Psalm 43: 3, 4
Zend Heer’, Uw licht en waarheid neder,
En breng mij, door dien glans geleid,
Tot Uw gewijde tente weder
Dan klimt mijn bange ziel gereder
Ten berge van Uw heiligheid,
Daar mij Uw gunst verbeidt.
Dan ga ik op tot Gods altaren,
Tot God, mijn God, de bron van vreugd;
Dan zal ik, juichend, stem en snaren
Ten roem van Zijne goedheid paren,
Die, na kortstondig ongeneugt
Mij eindeloos verheugt.
Stil gebed. Votum en groet
Zingen: Ik zal er zijn
Hoe wonderlijk mooi is uw eeuwige Naam.
Verborgen aanwezig deelt U mijn bestaan.
Waar ik ben, bent U: wat een kostbaar geheim.
Uw naam is ‘Ik ben’ en ‘Ik zal er zijn’.
Een boog in de wolken als teken van trouw,
staat boven mijn leven, zegt: Ik ben bij jou!
In tijden van vreugde, maar ook van verdriet,
ben ik bij U veilig, U die mij ziet.
De toekomst is zeker, ja eindeloos goed.
Als ik eens moet sterven, als ik U ontmoet:
dan droogt U mijn tranen, U noemt zelfs mijn naam.
U blijft bij mij Jezus, laat mij niet gaan.
Refrein: ‘Ik ben die Ik ben’ is uw eeuwige naam.
Onnoembaar aanwezig deelt U mijn bestaan.
Hoe adembenemend, ontroerend dichtbij:
uw naam is ‘Ik ben’, en ‘Ik zal er zijn’.
O Naam aller namen, aan U alle eer.
Niets kan mij ooit scheiden van Jezus mijn Heer:
Geen dood en geen leven, geen moeite of pijn.
Ik zal eeuwig zingen, dicht bij U zijn. Refrein
Verootmoediging
Zingen: Op Toonhoogte 211
Abba, Vader, U alleen, U behoor ik toe.
U alleen doorgrondt mijn hart, U behoort het toe.
Laat mijn hart steeds vurig zijn, U laat nooit alleen.
Abba, Vader, U alleen, U behoor ik toe.
Abba, Vader, laat mij zijn, slechts voor U alleen.
Dat mijn wil voor eeuwig zij d’ uwe en anders geen.
Laat mijn hart nooit koud zijn, Heer. Laat mij nimmer gaan.
Abba, Vader, laat mij zijn, slechts voor U alleen.
Abba, Father, let me be Yours and Yours alone.
May my will forever be evermore Your own.
Never let my heart grow cold. Never let me go.
Abba, Father, let me be Yours and Yours alone.
Gebed
Doopformulier
Dopen betekent eigenlijk: dompelen, onderdompelen. Zo werden in de tijd van de bijbel in het oosterse land de mensen ook gedoopt: buiten in de rivier. In onze gemeente besprenkelen wij het voorhoofd met water. De betekenis is echter hetzelfde als wanneer de dopeling vanmorgen ondergedompeld zou worden. De doop wijst erop dat wij mensen vanuit onszelf, ook al is ons lichaam schoon gewassen, geen rein hart hebben. Volgens het Woord van God zijn wij allen zondige mensen. Wij kunnen niet bij de Heere in Zijn koninkrijk komen als onze zonde niet van ons wordt afgewassen. De doop als besprenkeling laat zien dat de zonde in ons hart woont. Wij worden opgeroepen om onze zonde voor God te belijden en Hem te vragen of Hij onze zonde van ons wil afwassen. Vanuit onszelf kunnen wij ons niet rein maken. Ook het water van de doop wast de zonde niet af. Dat kan alleen de Heere Jezus doen – op basis van het offer dat Hij heeft gebracht aan het kruis op Golgotha. En in de doop zegt Hij ons, dat Hij dat vast en zeker wil doen. De doop spreekt niet alleen van vergeving door het offer van Christus aan het kruis, maar is tegelijkertijd ook een sterke bevestiging van deze belofte. Daarom worden wij gedoopt in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
Gedoopt worden in de naam van de Vader betekent: God de Vader maakt een vaste afspraak met ons. Die afspraak blijft altijd, voor eeuwig van kracht. De bijbel noemt die afspraak een verbond. Die afspraak die God met ons en onze kinderen maakt is een verbond van genade: dat dit verbond gesloten wordt is niet onze verdienste. Deze afspraak laat Gods goedheid en barmhartigheid met ons zien. In de doop zegt God de Vader: ‘Joris Gerrit-Jan Mulder, Ik ben je Vader. Ik neem jou aan als Mijn kind. Ik zal voor je zorgen. Ik geef aan jou goede gaven. Ik zal je beschermen voor al het kwade. En als dat kwade toch komt, zal ik dat voor jou doen meewerken ten goede.’ Wij worden ook gedoopt in de naam van de Zoon. Dat betekent: de Heere Jezus, de Zoon van God, zegt: ‘Joris Gerrit-Jan Mulder, Ik ben voor jouw zonden aan het kruis gestorven. Omdat Ik jou laat delen in Mijn dood en opstanding, word jij bevrijd van jouw zonden en mag je weer delen in Gods gemeenschap.’ Wij worden ook gedoopt in de naam van de Heilige Geest. Dat houdt in: de Heilige Geest, de Geest van God, schenkt ons wat Christus voor ons volbracht heeft aan het kruis. Hij belooft ons dat Hij in ons hart komt wonen, zodat wij de Heere Jezus gaan liefhebben en ons leven elke dag vernieuwd wordt. Dat doet de Heilige Geest tot op de dag, waarop de Heere Jezus weer terugkomt en wij met allen, die bij de Heere Jezus behoren, voor altijd bij Hem zullen zijn in Zijn koninkrijk.
Door de hechte band die God ons schenkt, vraagt de Heere tegelijkertijd van ons, dat wij Hem vertrouwen en liefhebben met heel ons hart en met al onze kracht. Hij verlangt van ons, dat wij de zonde uit de weg gaan, tegen de zonde strijden en dat wij leven zoals Hij dat van ons vraagt. Vanuit onszelf kunnen wij niet op deze manier leven. Als wij door onze zwakheid toch weer in zonde vallen, moeten wij niet bij onszelf bedenken: “Nu zal de Heere niet meer naar ons willen omzien.” Wij moeten de zonde ook niet blijven doen. Wij mogen de Heere om vergeving vragen. Want de doop betekent dat Hij ons liefheeft en ons alle kwaad wil vergeven. De doop zegt ons dat deze afspraak van God voor altijd geldt. Nu begrijpt een klein kind dat wordt gedoopt daar nog niets van. Er zijn daarom mensen die zeggen: ‘Wacht maar met dopen tot een kind groot genoeg is om te begrijpen wat de doop betekent.’
Maar bij het volk Israël werd het bewijs van Gods liefde en trouw al gegeven aan een kind van acht dagen oud. Daarom dopen wij ook kleine kinderen. Want ze zijn al vanaf de geboorte onrein, maar ontvangen ook Gods belofte van vergeving van de zonde. Ook al hebben ze van dat alles nog geen weet. In de bijbel staat: De Heere sprak tot Abraham: ‘Ik zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en u – én uw kinderen, een eeuwig verbond. Ik zal uw God zijn en de God van uw kinderen.’ De bijbel vertelt ons ook dat er kinderen bij de Heere Jezus werden gebracht. Hij heeft hen niet weggestuurd, maar hen omhelst, de handen opgelegd en gezegend. Ook de kinderen behoren tot het verbond dat God met Abraham heeft opgericht. Daarom is ook Gods belofte van vergeving van zonde en van het eeuwige leven voor hen. Omdat die belofte ook voor onze kinderen geldt, mogen zij ook het bewijs van die belofte ontvangen: de heilige doop. En u, als vader en moeder, heeft de vreugde en de roeping uw kind, als hij opgroeit, de betekenis van de doop en van Gods verbond te vertellen en uit te leggen.
Gebed
Almachtige en eeuwige God, U hebt naar Uw streng oordeel de ongelovige wereld, die geen berouw toonde, met de zondvloed gestraft. Maar U hebt de gelovige Noach met zijn achten in Uw grote barmhartigheid behouden en bewaard. U hebt de verharde farao met heel zijn volk in de Rode Zee verdronken, maar Uw volk Israël daar droogvoets doorheen geleid (waardoor de doop wordt aangeduid.)
Wij bidden U, pleitend op uw grondeloze barmhartigheid, dat U dit kind, Joris Gerrit-Jan Mulder, in genade wilt aanzien en door Uw Heilige Geest in Uw Zoon, Jezus Christus, wilt inlijven, opdat hij met Hem in Zijn dood begraven wordt en met Hem mag opstaan in een nieuw leven. Opdat hij zijn kruis in de dagelijkse navolging van Christus met vreugde mag dragen. Opdat hij Hem toegewijd is met waarachtig geloof, vaste hoop en vurige liefde. Opdat hij dit leven, dat toch niet anders is dan een voortdurend sterven, door Uw genade getroost mag verlaten en onbevreesd voor de rechterstoel van Uw Zoon, Jezus Christus, mag verschijnen. Dat bidden wij door Hem, onze Heere Jezus Christus, Uw Zoon, die met U en de Heilige Geest, de enige God die er is, leeft en regeert in eeuwigheid. Amen
Wij zingen: Op Toonhoogte 150: 1, 3
Onder het zingen wordt Joris de kerk binnengebracht
Heer, U bent mijn leven, de grond waarop ik sta.
Heer, U bent mijn weg, de waarheid die mij leidt.
Uw woord is het pad de weg waarop ik ga
zolang U mij adem geeft, zolang als ik besta.
Ik zal niet meer vrezen, want U bent bij mij
Heer, ik bid U, blijf mij nabij.
Heer, U bent mijn kracht, de Rots waarop ik bouw.
Heer, U bent mijn waarheid, de vrede van mijn hart.
En niets in dit leven zal ons scheiden, Heer,
want Uw hand laat mij nooit los.
Van wat ik misdaan heb, heeft U mij bevrijd
en in Uw vergeving leef ik nu.
Doopvragen
Geliefden in de Heere Christus, u hebt gehoord dat de doop een instelling van God is om aan ons en aan ons nageslacht Zijn verbond te verzegelen. Daarom moeten wij de doop met dat doel en niet uit gewoonte of bijgeloof gebruiken. Opdat het dan openlijk bekend zij dat u zo gezind bent, zult u van uw kant op de volgende vragen oprecht antwoorden:
1. Belijd u dat onze kinderen, hoewel ze in zonde ontvangen en geboren zijn en daarom aan allerlei ellende en zelfs aan de veroordeling onderworpen zijn, toch in Christus geheiligd zijn en dat zij als leden van Zijn gemeente behoren gedoopt te zijn?
2. Belijd u dat de leer die in het Oude en Nieuwe Testament en in de artikelen van het christelijk geloof vervat is en in de christelijke kerk alhier wordt geleerd de ware en volkomen leer van de zaligheid is?
3. Belooft u en neemt u voor uw rekening dit kind, van wie u de vader en moeder bent, bij het opgroeien in deze leer naar uw vermogen te onderwijzen en te laten onderwijzen?
Bediening van de doop aan Joris
Toezingen: Psalm 134 : 3
Dat ’s Heeren zegen op u daal’;
Zijn gunst uit Sion u bestraal’.
Hij schiep ’t heelal, Zijn Naam ter eer:
Looft, looft dan aller heren Heer’!
Gebed
Almachtige en barmhartige God en Vader, wij danken en loven U, dat U aan ons en onze kinderen door het bloed van Uw geliefde Zoon Jezus Christus al onze zonden vergeven hebt. en dat U ons door Uw Heilige Geest tot leden van Uw eniggeboren Zoon en daarmee tot Uw kinderen hebt aangenomen. Wij danken u dat u dat door de doop verzegelt en bekrachtigt. Wij bidden U ook door Hem, Uw geliefde Zoon, dat U dit gedoopt kind, Joris Gerrit-Jan Mulder, door Uw Heilige Geest altijd wilt regeren, opdat hij christelijk en godvrezend opgevoed wordt en meer en meer mag groeien in de Heere Jezus Christus. Geef dat hij zo Uw vaderlijke goedheid en barmhartigheid die U aan hem en ons allen hebt bewezen zal belijden en in alle gerechtigheid onder onze enige Leraar, Koning en Hogepriester Jezus Christus leven en moedig tegen de zonde, de duivel en heel zijn rijk zal strijden en mag overwinnen. Dan zal hij U en Uw Zoon Jezus Christus en de Heilige Geest, de enige en waarachtige God, eeuwig loven en prijzen. Amen
Wij zingen: Op Toonhoogte 431
Joris verlaat de kerk weer
Refrein: Jezus is de goede Herder. Jezus, Hij is overal.
Jezus is de goede Herder, brengt mij veilig naar de stal.
Als je ’s avonds niet kunt slapen, en je bang in donker bent,
denk dan eens aan al die schaapjes die de Heer bij name kent.
En wanneer je soms alleen bent en je hart is vol verdriet,
denk dan aan de goede Herder, Hij vergeet zijn schaapjes niet.
De kinderen van groep 1-8 gaan naar de kindernevendienst
Schriftlezing: Spreuken 3:1-6
1 Mijn zoon, vergeet mijn onderricht niet, en laat je hart mijn geboden in acht nemen, 2 want lengte van dagen en jaren van leven en vrede zullen ze voor jou vermeerderen. 3 Mogen goedertierenheid en trouw jou niet verlaten. Bind ze om je hals, schrijf ze op de tafel van je hart, 4 vind gunst en goed verstand
in de ogen van God en mens. 5 Vertrouw op de HEERE met heel je hart, en steun op je eigen inzicht niet. 6 Ken Hem in al je wegen, dan zal Híj je paden rechtmaken.
Schriftlezing: Efeze 5:21-6:4
- Wees elkaar onderdanig in de vreze Gods. 22. Vrouwen, wees uw eigen mannen onderdanig, zoals aan de Heere,
- want de man is hoofd van de vrouw, zoals ook Christus Hoofd van de gemeente is; en Hij is de Behouder van het lichaam. 24. Daarom, zoals de gemeente aan Christus onderdanig is, zo behoren ook de vrouwen in alles hun eigen mannen onderdanig te zijn. 25. Mannen, heb uw eigen vrouw lief, zoals ook Christus de gemeente liefgehad heeft en Zich voor haar heeft overgegeven, 26. opdat Hij haar zou heiligen, door haar te reinigen met het waterbad door het Woord,
- opdat Hij haar in heerlijkheid voor Zich zou plaatsen, een gemeente zonder smet of rimpel of iets dergelijks, maar dat zij heilig en smetteloos zou zijn. 28. Zo moeten de mannen hun eigen vrouwen liefhebben als hun eigen lichamen. Wie zijn eigen vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief. 29. Want niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat, maar hij voedt en koestert het, zoals ook de Heere de gemeente. 30. Want wij zijn leden van Zijn lichaam, van Zijn vlees en van Zijn gebeente.
- Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten, en die twee zullen tot één vlees zijn.
- Dit geheimenis is groot; maar ik spreek met het oog op Christus en de gemeente. 33. Kortom, ook u moet, ieder in het bijzonder, uw eigen vrouw net zo liefhebben als uzelf; en de vrouw moet ontzag hebben voor haar man. 1. Kinderen, wees je ouders gehoorzaam in de Heere, want dat is juist. 2. Eer je vader en moeder (dat is het eerste gebod met een belofte),
- opdat het je goed gaat en je lang leeft op de aarde. 4. En vaders, wek geen toorn bij uw kinderen op, maar voed hen op in de onderwijzing en de terechtwijzing van de Heere.
Schriftlezing: Jakobus 1:17-19
17Elke goede gave en elk volmaakt geschenk is van boven en daalt neer van de Vader der lichten, bij Wie er geen verandering is, of schaduw van omkeer. 18Overeenkomstig Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord van de waarheid, opdat wij in zeker opzicht eerstelingen van Zijn schepselen zouden zijn. 19 Zo dan, mijn geliefde broeders, ieder mens moet haastig zijn om te horen, maar traag om te spreken en traag tot toorn
Collecten:
1) Diaconie: Diaconaal Platform Gemeente(n) Oldebroek
2) Kerkenwerk
Zingen: Psalm 68:10
Geloofd zij God met diepst ontzag!
Hij overlaadt ons, dag aan dag,
Met Zijne gunstbewijzen.
Die God is onze zaligheid;
Wie zou die hoogste Majesteit
Dan niet met eerbied prijzen?
Die God is ons een God van heil;
Hij schenkt, uit goedheid, zonder peil,
Ons ’t eeuwig, zalig leven;
Hij kan, en wil, en zal in nood,
Zelfs bij het naadren van den dood,
Volkomen uitkomst geven.
Preek
Zingen: Psalm 47: 1, 3
Juicht, o volken, juicht, Handklapt, en betuigt
Onzen God uw vreugd. Weest te zaam verheugd;
Zingt des Hoogsten eer; Buigt u voor Hem neer.
Alles ducht Zijn kracht; Alles vreest Zijn macht;
Zijne majasteit, Maakt haar heerlijkheid,
Over ’t rond der aard’, Wijd en zijd vermaard.
God vaart, voor het oog, Met gejuich omhoog;
’t Schel bazuingeluid Galmt Gods glorie uit.
Heft den lofzang aan, Zingt Zijn wonderdaan,
Zingt de schoonste stof, Zingt des Konings lof,
Met een zuivren galm, Met een blijden psalm.
Hij, de Vorst der aard’, Is die hulde waard.
De kinderen komen terug uit de kindernevendienst
Gebed
Zingen: Psalm 150: 1, 3
Looft God, looft zijn Naam alom;
Looft Hem in Zijn heiligdom;
Looft des Heeren grote macht,
In den hemel Zijner kracht;
Looft Hem, om Zijn mogendheden,
Looft Hem, naar zo menig blijk
Van Zijn heerlijk koninkrijk,
Voor Zijn troon en hier beneden.
Looft God naar Zijn hoog bevel,
Met het klinkend cimbelspel,
Looft Hem, op het schel metaal
Van de vrolijke cimbaal;
Looft den Heer’, elk moet Hem eren;
Al wat geest en adem heeft,
Looft den Heer’, die eeuwig leeft,
Looft verheugd den Heer’ der heren.
Zegen
